Test op fractuur of kwetsuur van de onderste cervicale of bovenste thoracale wervels.

Deze test is nuttig wanneer we een breuk of kwetsuur van de onderste cervicale of bovenste thoracale wervels/gewrichten vermoeden.

De patiënt is in ruglig. De ene hand wordt op het sternum van de patiënt geplaatst om te verzekeren dat de thoracale regio in flexie blijft. De andere hand ligt onder het occiput van de patiënt.

De nek wordt dan passief naar de borst gebogen met behoud van een zachte druk op het sternum.

De test brengt tractie op de achterste elementen van de cervicale en bovenste thoracale wervelkolom en comprimeert de wervellichamen en disci. De test geeft ook tractie op het ruggemerg.

Bij een wervelfractuur, wanneer het supraspinale ligament aan de

processus spinosus van de gefractureerde wervel trekt zal acute lokale pijn optreden.

Luc Peeters, MSc.Ost.