Natuurlijke instabiliteit van de cervicale wervelkolom bij kinderen.

Trauma’s van de cervicale wervelkolom bij kinderen vinden meestal plaats in het bovenste gedeelte van de cervicale wervelkolom, van occiput tot C3.

Dit feit kan verklaard worden door de unieke biomechanica en anatomie van de cervicale wervelkolom bij kinderen.

Het bewegingsfulcrum in de cervicale wervelkolom bij kinderen ligt bij C2-3. Bij de volwassene is dit ter hoogte van C5-6.

Daarom is het bijvoorbeeld beter om kinderen in lig zo te leggen dat het occiput wat lager ligt dan de thorax.

De nog niet volledig ontwikkelde wervelkolom bij kinderen is hypermobiel vanwege de ligamentaire hyperlaxiteit, ondiepe en nog niet ontwikkelde angulatie van de facetgewrichten, onderontwikkelde processi spinosi en de anterieure wigvorming van de wervellichamen. Dit alles zorgt voor grotere krachtenvectoren ter hoogte van de regio C1-2.

De onvolledige ossificatie van de processus odontoideus, het relatieve grote en zware hoofd, de nog zwakke nekspieren zijn ook factoren die de instabiliteit van de cervicale wervelkolom in de hand werken.

De cervicale wervelkolom van het kind verschilt in nog meer factoren van die van de volwassene:

• De wervellichamen zijn meer wigvormig dan die van een volwassene.

• De oriëntatie van de facetgewrichten in het lagere deel van de cervicale wervelkolom is bij de pasgeborene 30° en evolueert naar 65° bij de volwassene.

• De C1-2 hoeken evolueren van 55 naar 70°.

• De vlakkere facetgewrichten in jonge kinderen dragen bij tot de pseudo-subluxatie van de cervicale wervelkolom, vooral ter hoogte van C2-3. Deze regio is in 40% van de kinderen onder de 8 jaar hypermobiel.

Dat is dan ook een van de redenen om de cervicale wervelkolom bij kinderen niet te manipuleren.

Luc Peeters, MSc.Ost.